Het toezicht waar de gemeenten verantwoordelijk voor zijn bestaat uit een aantal onderdelen. Het gaat om: 1. De algemene kwaliteit en de veiligheid (uitgevoerd door de GGD) 2. De brandveiligheid ...
Pedagogisch medewerkers in de kinderopvang en buitenschoolse opvang moeten minimaal een diploma op MBO 2 niveau hebben.
De Wet kinderopvang verplicht een gastouderbureau, kindercentrum en een buitenschoolse opvang om 'verantwoorde kinderopvang' aan te bieden. Daarmee wordt kinderopvang bedoeld die bijdraagt aan een goede ontwikkeling van kinderen in een veilige en gezonde omgeving. In het toezichtkader dat de GGD-en als toezichthouder hanteren is dit begrip nader ingevuld. De verantwoordelijkheid voor de kwaliteit van het pedagogische klimaat ligt primair bij de sector.
Een aantal kwaliteitsaspecten van kinderopvang wordt geïnspecteerd door het Rijk. Het gaat dan enerzijds om de veiligheid van kinderbedden, boxen en speeltoestellen (Voedsel en Warenautoriteit). Anderzijds betreft het Rijkstoezicht op de arbeidsomstandigheden van de werknemers (Arbeidsinspectie).
Risico gestuurd toezicht is een vorm van toezicht waarbij de GGD‘en meer maatwerk mogelijk maken bij het uitvoeren van het toezicht op de kinderdagverblijven.
In de Wet kinderopvang en kwaliteit peuterspeelzalen worden een aantal kwaliteitseisen gesteld aan de kinderopvang. In nadere regelgeving is dit uitgewerkt in het toezichtkader dat de gemeenten (via de GGD-en) uitvoeren. Gemeenten moeten bij overtreding van de eisen die genoemd zijn in het toezichtskader, handhavend optreden richting de kinderdagverblijven/BSO’s. Vanuit de kinderopvangsector zelf wordt ook gewerkt aan de kwaliteitsverbetering. Dat gebeurt door de introductie van certificeren.
Gemeentes voeren het toezicht op de kwaliteit van de kinderopvang uit. Zij worden op hun beurt gecontroleerd door de gemeenteraad (horizontaal toezicht) en door het Rijk (verticaal toezicht). Het toezicht door het Rijk heet ook wel ‘interbestuurlijk toezicht’. De commissie-Oosting deed onderzoek naar deze vorm van toezicht.
In dit onderdeel vindt u een voortgangsrapportage van de minister over de stand van zaken van de invoering van de nieuwe regels voor gastouderopvang. Het stuk gaat in op de vulling en werking van het Landelijk Register Kinderopvang, de inspecties door de GGD en het verslag over de doeltreffendheid en de effecten van de wet.
De vraag naar kinderopvang blijft groeien en de overheid gaat uit van een tekort van 230 miljoen euro in 2011. Om het tekort op te vangen, wordt een extra ouderbijdrage ingevoerd.