Aanvragen voor een vervoersvoorziening in het kader van de Wmo ten behoeve van verstandelijk gehandicapte bewoners van een gezinsvervangend tehuis zijn door het college afgewezen, op grond van het feit dat de belanghebbenden in staat zijn zich met het openbaar vervoer te verplaatsen indien er begeleiding (via de OV-begeleiderskaart) meegaat.