Bij overdracht van een school of een deel daarvan draagt het bevoegd gezag de school over naar een ander bestuur.
Elke school voor primair of voortgezet onderwijs moet aangesloten zijn bij een klachtencommissie. Bij deze commissie kunnen personeelsleden en ouders terecht met klachten over gedrag en beslissingen van het bevoegd gezag of het personeel, danwel het nalaten van gedrag of het niet nemen van beslissingen.
Er is sprake van sponsoring als aan een school(bestuur) geld of materiële voorzieningen ter beschikking worden gesteld waarbij sprake is van een tegenprestatie. Uiteraard gaat het hier niet om bijdragen van de overheid via de lumpsum of bijdragen van ouders (via de ouderbijdrage). Sponsoring is binnen het onderwijs een groeiend fenomeen. Scholen worden gesponsord door winkeliers en bedrijven in de omgeving van de school, door maatschappelijke dienstverleners, door leveranciers van leermiddelen en door bedrijven waarmee scholen een relatie hebben, bijvoorbeeld omdat leerlingen er stage lopen.
Voor zowel leerlingen als personeel is het van belang dat er op de school een veilig en gezond werkklimaat bestaat. Uiteraard zijn wet- en regelgeving op dit gebied ook van toepassing op het onderwijs. De school moet voldoen aan de ARBO-wet, er moet periodiek een risico-inventarisatie en –evaluatie worden opgesteld en er is per onderwijssoort een arbocatalogus opgesteld. Ook moeten scholen een preventiemedewerker en een bedrijfshulpverlener hebben.
In het schoolreglement, ook wel leerlingenstatuut genoemd, waarin de rechten en plichten van de leerlingen zijn vastgelegd. In het voortgezet onderwijs is het leerlingenstatuut op basis van de wet op het voortgezet onderwijs verplicht en moet het elke twee jaar opnieuw worden vastgesteld. In het statuut moet ook de bescherming van de gegevens uit de persoonlijke levenssfeer zijn geregeld. De medezeggenschapsraad heeft het instemmingsrecht op het schoolregelement/leerlingenstatuut.
Het leerplan van een school bevat een beschrijving van het onderwijs dat op de school gegeven wordt. Het is gebaseerd op de visie en de missie van de school. Omdat (inzichten over) de inhoud en de organisatie van het onderwijs dynamisch zijn en in steeds sneller tempo wijzigen, zal ook het leerplan regelmatig worden aangepast. De Medezeggenschapsraad heeft het instemmingsrecht op het leerplan.
In het zorgplan wordt vastgelegd op welke manier binnen een samenwerkingsverband “weer samen naar school” wordt gegarandeerd dat zoveel mogelijk leerlingen een ononderbroken leertraject kunnen volgen. In de praktijk regelt een zorgplan op welke wijze leerlingen die in het reguliere basisonderwijs niet mee kunnen via begeleiding op de reguliere basisschool of plaatsing op een school voor speciaal onderwijs zo optimaal mogelijk onderwijs krijgen.
Elke school voor primair en voortgezet onderwijs moet een schoolplan hebben. In dit document wordt beschreven op welke wijze voor een periode van 4 jaar de kwaliteit van het onderwijs wordt gegarandeerd. De MR heeft instemmingsrecht en de inspectie van het onderwijs beoordeelt het schoolplan.
In de onderwijskundige doelstellingen formuleert een school wat zij in het onderwijsleerproces met de leerlingen wil bereiken. Het gaat om wat kinderen aan het einde van hun schoolloopbaan moeten kennen en kunnen. De onderwijskundige doelstellingen zijn uitgangspunten voor het opstellen van leerplannen, het kiezen van een organisatiemodel voor de school, de keuze voor lesmethodes, etc. Kortom, de onderwijskundige doelstellingen hebben grote invloed op de pedagogische en didactische werkwijze van de school.